Afgezien van het aanpassen van de spoorwijdte naar 22,5mm en het plaatsen van een Zwitserse pantograaf was er weinig veranderd aan het model. De truckzijkanten waren tijdeijk afgenomen om het rijtuig te kunnen gebruiken bij het testen van de spoorligging, waarbij - vooral op wissels - het kunnen observeren van het rail/wielgedrag nodig is.
Nu deze fase achter de rug is, is de tweeasser verder onder handen genomen. De Zwitserse pantograaf kreeg een Stemman-zwikstuk, zoals dat vanaf eind jaren '50 in Duitsland veel is toegepast, en ook op de PCC's van de HTM. Dat is te zien op de foto hieronder.

Ook wordt de dubbele gebogen stootbuffer vervangen door een brede, vlakkere buffer over de volle breedte, voorzien van anti-opklimribbels. De tram krijgt de Waanse functionele bekerkoppelingen en geüniformeerd (witmetalen) personeel.
De Bachmann-tweeasser droeg het nummer 1623. De nummers zijn er voorzichtig afgekrabd met een gebogen X-acto-cutter. De wagen krijgt het voertuignummer 5 (administratief A5, met de A van motorwagen).